← terug

logo
1975 - 1984  Θ  Verkennen van onbetreden paden
KEIHARD STREVEN NAAR KWALITEITSTHEATER
Ook in de periode 1975-1984 zette Theater Erasmus een rijk gevarieerd repertoire op de planken. In tegenstelling tot andere gezelschappen werkte men niet met een leescomité, de stukken werden telkens geselecteerd door de regisseur. Belangrijk is wel dat de hele cast als één man achter de voorstelling staat! Alleen dan kan je de energie opbrengen om er samen keihard de schouders onder te zetten.
HOOGTEPUNTEN
Een aantal stukken oogstten lovende kritieken van gerenommeerde recensenten als Hugo Meert en Wim Van Gansbeke. Zo bijvoorbeeld EEN GEUR VAN BLOEMEN (James Saunders) in november 1976, een eigen bewerking in een regie van Hugo De Greef. De reacties waren unaniem lovend! Hoogste klassering in het Provinciaal Toneeltornooi en zeven keer een uitverkochte zaal!
Een andere topper was DE DRIE ZUSTERS (Tsjechov) in december 1982. Voor deze prestigeproductie die maar liefst 4 uur duurde, werd 6 maand gerepeteerd! Ondanks de typische Tsjechoviaanse verveling die de voorstelling uitstraalde, haalde Erasmus 10 volle zalen. Bij deelname aan het Koninklijk Landjuweel kwam de intiem geconcipieerde voorstelling echter niet tot haar recht in de (te) grote zaal. Toch werd de opvoering bekroond met de "Prijs voor de Collectieve Inspanning", een onderscheiding die slechts één keer werd uitgereikt!
ONBETREDEN PADEN
Theater heeft de opdracht om onbetreden paden te verkennen. Shockeren om te shockeren heeft Erasmus nooit gedaan, maar anderzijds ging men taboethema's ook niet uit de weg. Na het thema "sterven" in EEN GEUR VAN BLOEMEN en "damesliefde" in SISTER GEORGES MOET STERVEN werd het huwelijk zwaar onder schot genomen in ALPHA BETA. Negatieve reacties van het publiek kwamen er zelden, maar omwille van de "schunnige" replieken van de productie SUS'N werd het stuk geweigerd door de jury van het Koninklijk Landjuweel. Toen men aan de spelers voorstelde een gekuiste versie op te voeren, besliste men quasi unaniem om dan gewoon niét te spelen!
Het gezelschap is overigens nooit uitgesproken 'wedstrijd-minded' geweest. "Onze acteurs zijn geen prijsvee", stelt Roger Van de Voorde altijd. Enkel voor het Provinciaal Toneeltornooi wordt telkens ingeschreven, maar daar zijn dan ook subsidies aan verbonden!
VERZORGDE VISUELE VORMGEVING
De visuele vormgeving levert een belangrijke bijdrage tot het succes van een stuk. Ook op dat vlak heeft Erasmus steeds hoog gemikt. Decors werden steeds met de grootste zorg ontworpen en gerealiseerd door bekwame "specialisten", zij het niet altijd zonder kleerscheuren. Zo werd er voor LIEVE FRANCIS (januari 1981) een buitengewoon knappe scène opgebouwd door Guy De Vresse. Toen hij eraan timmerde op nieuwjaarsdag(!) raakte hij ernstig gewond. Geen nood, meteen sloeg het hele acteursteam de hand aan de ploeg om alles op tijd klaar te hebben! Typisch voor de spirit die heerst bij Erasmus.
NA ZIGEUNERBESTAAN, HET CVA ALS THUISHAVEN
Een geschikte zaal vinden is dikwijls een probleem voor een amateursgezelschap. Oorspronkelijk gestart in de Anderlechtse wijk Kuregem, bespeelde Erasmus de podia van diverse culturele centra, de Beursschouwburg en de KVS. Na de definitieve terugkeer naar Anderlecht in 1978 met EEN GEUR VAN BLOEMEN slaagde Roger Van de Voorde erin een gesloten wijkbioscoop op te kopen en deze te transformeren in het Centrum voor het Brussels Amateurstheater. De complete ruimte, die voorheen plaats bood aan een duizendtal toeschouwers, werd gebruikt als grote theateraal en een kleiner plateau met pakweg honderd zitjes. Erasmus speelde er zo'n 10 jaar, tot het complex in 1988 werd omgebouwd tot het huidige (lees 1995) Centrum voor Amateurskunsten (CVA).

← terug